Speakers

image

Bert Monna

De ontwikkeling van een implantaat om rudimentaire visie terug te brengen in blinde patiënten

De ontwikkeling van hersenimplantaten gaat heel erg snel. Het aantal elektrodes dat geïmplanteerd kan worden wordt steeds groter. Hiermee worden nieuwe toepassingen mogelijk, waaronder het genereren van een rudimentaire vorm van zicht. 

De technische ontwikkelingen die hiermee gepaard gaan, zullen worden toegelicht in de presentatie.  Dit gaat van het ontwerp van het implantaat tot aan de perceptie door de patiënten, van materiaalkunde tot aan sterilisatie, van hardware naar software en alle mogelijke combinaties.  Hierbij worden alle stakeholders betrokken, van patiënten tot aan neurochirurgen. 

Bert studeerde Elektrotechniek aan de TU Delft en behaalde zijn PhD in 1996 aan de TU Delft op het gebied van analoog chipontwerp. Sinds 2019 is hij mede-oprichter van Phosphoenix en momenteel CTO. 

English

The development of an implant to restore rudimentary vision in blind patients.

The development of brain implants is advancing extremely rapidly. The number of electrodes that can be implanted is continuously increasing, enabling new applications—including the generation of a rudimentary form of vision.

The technical advancements associated with this will be discussed in the presentation. This ranges from the design of the implant to patient perception, from materials science to sterilization, from hardware to software, and all possible combinations in between. All stakeholders are involved in this process, from patients to neurosurgeons.

Bert studied Electrical Engineering at TU Delft and earned his PhD in 1996 from TU Delft in the field of analog chip design. Since 2019, he has been a co-founder of Phosphoenix and currently serves as its CTO.

image

Ali Sadeghi

Een overzicht van soft robotica: van assistieve exosuits tot het 3D-printen van een zacht hybride hart.

Het onderzoek van Ali Sadeghi richt zich op de ontwikkeling van nieuwe zachte actuatoren en sensoren, met bijzondere aandacht voor hun ontwerp, materiaalinnovatie en fabricage via geavanceerde additieve productietechnieken. Deze systemen zijn bedoeld om draagbare robots van de volgende generatie, medische hulpmiddelen en systemen voor milieumonitoring mogelijk te maken die veilig en adaptief kunnen interageren met mensen en hun omgeving.

In het bijzonder richt zijn onderzoek zich op het ontwerp en de ontwikkeling van nieuwe fundamentele componenten (zoals actuatoren en sensoren) en op methoden om deze te integreren in functionele, zacht-lichamige robots. Hij is gepassioneerd over het toepassen van soft-robotica-oplossingen in uiteenlopende toepassingsgebieden, variërend van biomedische en draagbare technologieën tot onderwijs, architectuur en kunst.

English

Covering soft robotics from assistive exosuits to 3D printing a soft hybrid heart 

Ali Sadeghi research focuses on the development of novel soft actuators and sensors, with particular emphasis on their design, material innovation, and fabrication through advanced additive manufacturing. These systems aim to enable next-generation wearable robots, healthcare devices, and environmental monitoring systems that can safely and adaptively interact with humans and their surroundings. 

In particular, his research focuses on the design and development of novel fundamental components (e.g. actuators and sensors) and their methods of integration into functional soft-bodied robots. He is passionate about bringing soft robotics solutions to various areas of applications from biomedical and wearable technologies to education, architecture, and art. 

image

Myrthe van der Ven

Een nieuwe dimensie in premature zorg: de ontwikkeling van de watercouveuse

De watercouveuse is een innovatieve benadering binnen de neonatale zorg die het verblijf van premature baby’s in een warme, vloeistofgevulde omgeving nabootst — vergelijkbaar met de baarmoeder. Deze technologie biedt een alternatief voor de traditionele couveuse, met als doel het welzijn en de ontwikkeling van te vroeg geboren kinderen te verbeteren. In deze presentatie wordt de huidige stand van zaken rondom de ontwikkeling van de watercouveuse besproken: van de eerste concepten en technische uitdagingen tot de klinische potentie en ethische overwegingen. Wat betekent deze innovatie voor zorgprofessionals? Hoe kan deze technologie bijdragen aan een meer fysiologische en stressarme start voor prematuren? Aan de hand van praktijkvoorbeelden en onderzoeksresultaten wordt verkend hoe de watercouveuse zich ontwikkelt tot een mogelijk waardevolle aanvulling in de geboortezorg. 

Myrthe van der Ven is CEO van AquaWomb. Ze is technisch geneeskundige en gepassioneerd over het verbeteren van zorg voor moeder en kind door middel van innovatie. Na haar studie Technische Geneeskunde werkte zij vijf jaar als postdoc bij het Europese onderzoeksproject Perinatal Life Support (PLS) aan de Technische Universiteit Eindhoven (TU/e). Binnen dit project richtte zij zich op de ontwikkeling van de watercouveuse, een kunstmatige baarmoederomgeving voor premature baby’s. Myrthe combineert technische expertise met een scherp oog voor de klinische praktijk en de behoeften van zorgprofessionals. Haar werk slaat een brug tussen technologie en humane zorg, met als doel een meer fysiologische start voor kwetsbare pasgeborenen. In maart 2025 is AquaWomb opgericht als start-up van de TU/e om de watercouveuse verder te ontwikkelen en naar de markt te brengen. 

English

A New Dimension in Premature Care: The Development of the Water Incubator

The water incubator is an innovative approach in neonatal care that mimics the environment of premature babies in a warm, fluid-filled space—similar to the womb. This technology offers an alternative to the traditional incubator, aiming to improve the well-being and development of preterm infants.

In this presentation, the current state of development of the water incubator will be discussed: from initial concepts and technical challenges to clinical potential and ethical considerations. What does this innovation mean for healthcare professionals? How can this technology contribute to a more physiological and stress-free start for premature babies? Using practical examples and research findings, we will explore how the water incubator is evolving into a potentially valuable addition to perinatal care.

Myrthe van der Ven is the CEO of AquaWomb. She is a technical physician and passionate about improving care for mothers and children through innovation. After completing her studies in Technical Medicine, she worked for five years as a postdoc on the European research project Perinatal Life Support (PLS) at Eindhoven University of Technology (TU/e). Within this project, she focused on developing the water incubator—an artificial womb environment for premature babies. Myrthe combines technical expertise with a keen understanding of clinical practice and the needs of healthcare professionals. Her work bridges technology and humane care, aiming to provide a more physiological start for vulnerable newborns. In March 2025, AquaWomb was founded as a TU/e startup to further develop the water incubator and bring it to market.

image

Kees Wieriks

image

Willemijn Binnekamp

Synergie in orgaanperfusie: Hoe wij en machines organen levend houden

Wij zijn Kees Wieriks en Willemijn Binnekamp, beiden werkzaam in het UMCG als orgaanperfusionist en transplantatiecoördinator (OPTC). 
Dit betekent dat wij verantwoordelijk zijn voor de logistiek rondom de acceptatie van een orgaan en dat wij perfusies uitvoeren van hart, long, lever en nier. 

Wij hebben allebei gestudeerd in Enschede. Kees behaalde in 2022 zijn master Biomedical Engineering in de richting Imaging and In Vitro Diagnostics. Willemijn rondde in 2023 haar master Technical Medicine af, in de richting Medical Imaging and Interventions

Naast het regelen van de logistiek en het uitvoeren van perfusies hebben wij ook andere taken, zoals het bijdragen aan de perfusieopleiding, het samenwerken met verschillende disciplines zoals klinisch perfusionisten, het ondersteunen van onderzoek en het deelnemen aan multidisciplinaire overleggen (MDO’s).

Benieuwd hoe de acceptatie van een orgaan tot aan de transplantatie in zijn werk gaat? Tijdens deze lezing vertellen wij graag meer over hoe wij in dit bijzondere vakgebied terecht zijn gekomen, waar ons werk uit bestaat en gaan we dieper in op de verschillende vormen van orgaanperfusie. Ook delen we recente onderzoeken en bespreken we welke mogelijkheden en ontwikkelingen de toekomst nog voor ons in petto heeft. 

English

Synergy in organ perfusion: How we and machines keep organs alive

We are Kees Wieriks and Willemijn Binnekamp, both working at UMCG as organ perfusionists and transplant coordinators (OPTC). 

This means we are responsible for the logistics surrounding organ acceptance and perform perfusions of the heart, lungs, liver, and kidneys. 
We both studied in Enschede. Kees obtained his master’s degree in Biomedical Engineering in 2022, specializing in Imaging and In Vitro Diagnostics. Willemijn completed her master’s degree in Technical Medicine in 2023, with a focus on Medical Imaging and Interventions

In addition to managing logistics and performing perfusions, we are also involved in the perfusion training program, collaborate with various disciplines such as clinical perfusionists, support research activities, and participate in multidisciplinary meetings (MDOs). 

Curious about how the process from organ acceptance to transplantation works? During this lecture, we will share how we entered this unique field, what our work entails, and take a closer look at the different forms of organ perfusion. We will also present recent research and discuss the possibilities and developments the future holds for us. 

image

Eelko, founder (li) en Adriaan van Donk (re) CEO

Eelko Ronner

Waar het schuurt 

Leuk hier te kunnen spreken. Ik werk als cardioloog in het Reinier de Graaf Gasthuis in Delft, opgeleid in OLVG Amsterdam en daarmee heb ik altijd de volle hectiek van de niet academische zorg aan den lijve ondervonden. Graag pak ik problemen aan, zit ik niet in commissies en clubjes, maar overleg veel liever met stage studenten over nieuwe manieren van zorg leveren. Of probeer ik met anderen op te lossen waar de grootste behapbare problemen liggen, met speciale aandacht voor personeelstekort en kosten, want daar schuurt het.

Een wristband kon geen bloeddruk meten, dat heb ik mee helpen realiseren en certificeren met Corsano. We hebben tekorten aan echografisten, de gevolgen van late echo’s van het hart waren dagelijkse bron van zorg. Met een stage opdracht binnen de Minor Robotica bij Robohouse, Delft werd door getalentelenteerde studenten een prototype robot gemaakt om dit complexe proces van beelden maken/instellingen fijn afstellen, door AI gerobotiseerd. Het was een zeer leerzaam proces, waarbij ik graag deel wat voor mij opviel.

Ik zal jullie dus niet vermoeien met vergezichten en strategieën. Liever houd ik het praktisch, hoe kom je van een idee tot een bedrijf met 20 man inmiddels, en wat zou ik nu anders doen. Ik hoop dan ook dat er mensen zijn die hier de inspiratie uit putten ook in startup land aan de gang te gaan, misschien als founder, maar vooral als werknemer is er veel te beleven. Wie wil dat nou niet, met een toegewijd team allemaal hetzelfde ambitieuze doel nastreven. Omdat er problemen zijn in de zorg, problemen die vragen om jullie oplossingen. Tot 6 maart!

English

Where things get difficult

It’s a pleasure to speak here today. I work as a cardiologist at Reinier de Graaf Hospital in Delft, trained at OLVG Amsterdam, where I’ve experienced firsthand the full intensity of non-academic healthcare. I prefer tackling problems directly, I don’t sit on committees or join clubs. Instead, I’d rather brainstorm with interns and students about new ways to deliver care, or collaborate with others to address the most pressing issues, especially personnel shortages and cost constraints, because that’s where the real friction lies.

A wristband couldn’t measure blood pressure—until I helped make it happen and get it certified with Corsano. We faced shortages of echocardiographers, and the consequences of delayed heart ultrasounds were a daily concern. Through a student internship project in the Robotics Minor at Robohouse in Delft, talented students developed a prototype robot to automate the complex process of imaging and fine-tuning settings using AI. It was an incredibly educational experience, and I’m happy to share what stood out to me.

So, I won’t bore you with visions or strategies. Instead, I’ll keep it practical: how to turn an idea into a company that now employs 20 people, and what I’d do differently today. I hope this inspires some of you to dive into the startup world, whether as a founder or, just as importantly, as an employee. There’s so much to experience when you’re part of a dedicated team working toward an ambitious goal. Because there are real problems in healthcare,problems that need your solutions.

Let’s make it happen, see you around until March 6th!

image

Bob Geelkerken

Als het chirurgische oog faalt

Bob Geelkerken behaalde in 1985 zijn artsendiploma (MD), met specialisatie, aan de Erasmus Universiteit Rotterdam en in 1996 zijn doctoraat (PhD) aan de Universiteit Leiden. In 1995 werd hij aangesteld als vaatchirurg bij ChirCON en haar voorgangers. Sinds 2016 bekleedt hij de leerstoel vasculair translationeel onderzoek binnen de M3i-groep van het TechMed Centre aan de Universiteit Twente. Zijn huidige onderzoek richt zich op de klinische toepassing van geavanceerde technologieën voor de diagnostiek en behandeling van vaataandoeningen, zoals mesenteriale ischemie, aneurysmatische aortaziekten en eindstadium perifeer arterieel obstructief vaatlijden (PAOD).

Zijn lezing zal de huidige klinische situatie schetsen, de nog onopgeloste vragen bespreken en de veelbelovende toekomst belichten die voortkomt uit fundamenteel en translationeel onderzoek binnen de drie domeinen.

English

When the surgical eye fails

Bob Geelkerken  obtained his MD degree with extension at the Erasmus University Rotterdam in 1985 and his PhD at Leiden University in 1996. In 1995 he obtained a position as consultant vascular surgery at ChirCON and her and its predecessors. Since 2016 he holds the chair of vascular translational research at the M3i group, TechMed Centre, University of Twente. His present research focuses on clinical translation of advanced technologies for diagnosis and treatment of vascular disorders as mesenteric ischemia, aortic aneurysmal disease and end stage PAOD.  

His lecture will outline the current clinical situation and unresolved  questions and the bright future popped up from basic and translational research in the three domains. 

image

Tom van Mulken

Precisierobot verandert reconstructieve microchirurgie 

Reconstructieve chirurgie vereist een enorme precisie. Denk daarbij aan een borstreconstructie na kankerbehandeling of het herstellen van een geamputeerde vinger. Chirurgen hechten dan bloedvaten, lymfevaten en zenuwen die vaak dunner zijn dan een millimeter. Tom van Mulken richtte zich in zijn promotieonderzoek op het ontwikkelen en testen van een robot die dit soort uiterst delicate operaties kan ondersteunen. De chirurgische robot biedt de mogelijkheid om met ongeëvenaarde precisie te opereren. Waar de menselijke hand in zijn nauwkeurigheid beperkt is door trilling en vermoeidheid, kan de arts samen met de robotarm werken op submillimeter niveau. Deze robot maakt het de arts mogelijk om met meer precisie bloedvaten, lymfevaten en zenuwen, te hechten. Hij gebruikt daarbij hechtingen die dunner zijn dan een haar. Dat is cruciaal voor het succes van dergelijke precieze reconstructieve operaties. Deze technologie moet de kwaliteit van huidige microchirurgie operaties verbeteren, waardoor patiënten sneller hun dagelijkse leven kunnen hervatten.

English

Precision robot transforms reconstructive microsurgery.

Reconstructive surgery requires enormous precision. This includes procedures such as breast reconstruction after cancer treatment or the repair of an amputated finger. Surgeons must then suture blood vessels, lymphatic vessels, and nerves that are often thinner than a millimeter. In his doctoral research, Tom van Mulken focused on developing and testing a robot that can support this type of extremely delicate surgery.

The surgical robot offers the ability to operate with unprecedented precision. Whereas the accuracy of the human hand is limited by tremor and fatigue, the physician can work together with the robotic arm at a submillimeter level. This robot enables the doctor to suture blood vessels, lymphatic vessels, and nerves with greater precision, using sutures that are thinner than a hair. This is crucial for the success of such precise reconstructive operations. This technology aims to improve the quality of current microsurgical procedures, allowing patients to return to their daily lives more quickly.

image

Peter Joosten

De brug slaan naar de technologie van morgen

Dit symposium brengt opmerkelijke innovaties samen van zachte robotica tot hersenimplantaten, van magnetische chirurgie tot orgaanperfusie. Maar het ontwikkelen van baanbrekende technologie is slechts de helft van het verhaal. De echte vraag is hoe we deze innovaties van het laboratorium naar het ziekenhuisbed brengen. Als futurist en innovatiestrateeg richt ik mij op deze implementatiekloof, de praktische obstakels, de benodigde organisatorische veranderingen en de concrete stappen die nodig zijn om deze technologieën op grote schaal te laten werken. Want uiteindelijk telt innovatie alleen wanneer zij de patiënten bereikt die haar nodig hebben.

English

Bridging Tomorrow’s Technology

This symposium brings together remarkable innovations—from soft robotics to brain implants, from magnetic surgery to organ perfusion. But developing breakthrough technology is only half the equation. The real question is: how do we move these innovations from lab to hospital bed? As a futurist and innovation strategist, I focus on this implementation gap—the practical roadblocks, the organizational changes needed, and the concrete steps required to make these technologies work at scale. Because ultimately, innovation only matters when it reaches the patients who need it